Download onze app..

..voor de beste ervaring op een mobiel apparaat.

Download voor iOS

Download voor Android

De stelling van de week: Rob Rensenbrink was in aanleg een betere voetballer dan Johan Cruijff!

In de Wandelgangen heeft een samenwerking met de redactie van De Pingeliëer, de nieuwsbrief van R.I.O.S, uit Echt. Deze nieuwsbrief bevat een aantal vaste rubrieken waaronder ‘De Stelling’. Hierbij wordt een actueel onderwerp bedacht en voorgelegd aan twee wijze heren, die een grote interesse hebben in voetbal. Zij krijgen daarbij een speciale opdracht. De een moet voor zijn en daar argumenten voor aandragen, en de ander moet uitleggen waarom hij tegen is.

In de nieuwsbrief van afgelopen week bogen de wijzen zich over de voetbaltalenten van Rob Rensenbrink en Johan Cruijff. De stelling luidt:

ROB RENSENBRINK WAS IN AANLEG EEN BETERE VOETBALLER DAN JOHAN CRUIJFF

Peter (tegen de stelling): Rensenbrink en Cruijff hadden veel gemeen. Beiden zijn in 1947 in Amsterdam geboren, waren topvoetballers, hadden dezelfde lengte en stierven helaas veel te vroeg. In 1977 was ik als dienstplichtig militair gelegerd in Utrecht. De meeste herinneringen heb ik aan de activiteiten die buiten de kazernemuren plaatsvonden. Zo kocht ik in een Utrechtse platenzaak de lp’s Rumours van Fleetwood Mac en Dreamboat Annie van Heart. Ik draai ze nog regelmatig.  

Niet ver van mijn kazerne vond destijds een aanslag van de RAF plaats. Dat maakte veel indruk. Vanuit Utrecht was je snel in Amsterdam. Daar werd in 1977 de Europa Cup II finale gespeeld tussen HSV en Anderlecht. Een dienstmakker had kaartjes weten te bemachtigen en zodoende stonden we op die woensdagavond in het Olympisch Stadion (wat een geluk dat de vijand die avond niet ons land binnenviel). Anderlecht verloor de finale, misschien wel omdat sterspeler Rensenbrink niet fit op het veld stond. 

Een paar maanden na die Europacupfinale was ik weer in het Olympische Stadion. Nu bij de kwalificatiewedstrijd Nederland-België. Rensenbrink en Cruijff stonden allebei in Oranje. Nederland won en bereikte daarmee de eindronde van het WK 1978. Het was achteraf niet alleen door de kwalificatie een memorabele wedstrijd. Het bleek namelijk Cruijff’s laatste interland te zijn, want hij ging niet mee naar Argentinië. Cruijff zien spelen, was altijd een genot. Zelfs als hij niet in goeden doen was, zorgde alleen al zijn aanwezigheid ervoor dat de tegenstander het in zijn broek deed. Cruijff en Rensenbrink hadden veel gemeen, maar in tegenstelling tot Cruijff zocht Rensenbrink na zijn voetbalcarrière de luwte op. Naar hem zal geen stadion worden vernoemd. De bescheiden Rensenbrink zou het ook allemaal te veel poeha hebben gevonden. 

De stelling zegt niet dat Rensenbrink de betere voetballer was, maar wel dat hij meer aanleg als voetballer had dan Cruijff. Dat is een misvatting. Samen met Pelé, Maradonna, Ronaldo en Messi vormt Cruijff de top vijf van de beste voetballers aller tijden. Vijf spelers met uitzonderlijke kwaliteiten. Met alleen hard trainen waren ze niet in dit rijtje terecht gekomen. Aanleg is een eerste vereiste. Daarom is Cruijff niet alleen de beste, maar ook de meest talentvolle Nederlandse voetballer uit de geschiedenis!  

 

Frank (vóór de stelling): Oud en wijs worden vaak in één adem genoemd. Dat is bij deze stelling hard nodig, want we moeten hiervoor zowat een halve eeuw terug in de tijd. Ik raad jonge lezers aan om vooral niet de beelden  terug te kijken, want het voetbal was, ongeacht wat wij jullie willen doen geloven, hemeltergend traag. Wél met vers bloed aan de palen, want camera’s waren er nog nauwelijks, laat staan een VAR die zout legde op ieder mispeuteringetje. Als de WK-finale van 78 bij iedere hoofdwond was stilgelegd, dan waren ze ten tijde van het WK82 nog steeds bezig geweest.  

 

Van Robbie Rensenbrink zagen we in die tijd nauwelijks bewegende beelden. Tot aan het WK74 had vrijwel niemand van hem gehoord, want hij was een ster in een ander, vreemd land. Werd er überhaupt wel gevoetbald voorbij Roosteren?? Dat zat niet in ons systeem, in tegenstelling tot het andere buurland, want we sloegen geen Sportschau over. Wie wel eens een Vlaams veld van dichtbij had gezien, begreep onze scepsis over het voetbal aldaar. In vergelijking hiermee was het veld van MHD een biljartlaken, weliswaar een schuin biljartlaken, want bij de toss had je daar de keuze: bergop of bergaf.  

Maar ook op basis van het schaarse beeldmateriaal was het evident dat Rensenbrink een veel sierlijkere en getalenteerdere speler was dan zijn generatiegenoot Cruijff, die nog wel eens wat houterige trekjes vertoonde. Echter met aanleg alleen ben je er nog lang niet. Naast een dosis geluk is er tevens een flinke hoeveelheid ‘grinta’ nodig - niet te verwarren met de pap waar u en ik mee zijn grootgebracht -, ofwel lef, branie, brutaliteit…. eigenschappen waarin Cruijff zijn tijdgenoot ruimschoots overtroefde. Je kunt je afvragen of het anders zou zijn gelopen als Rensenbrink voor een carrière in eigen land had gekozen. Of paste juist de Belgische bescheidenheid beter bij zijn karakter en vertrok hij daarom naar Club Brugge? Tja, wat als dit, wat als dat………wat als Taylor niet in die Schwalbe van Hölzenbein was getuind, wat als Casillas zijn teennagels wél had geknipt, wat als het doortrapte Argentijnse regime het doel in de rust niet een centimeter of twintig naar links had verplaatst?? In München en Johannesburg had ik Oranje bij deze scenario’s een gerede kans op de wereldtitel gegeven, in Buenos Aires nada noppes niente. Als Rensenbrink in de blessuretijd het doel wél had getroffen, dan was scheidsrechter Gonella net zo lang doorgegaan totdat de thuisploeg het zaakje had rechtgetrokken. Bij een onwaarschijnlijk verlies van de Argentijnen hadden we de Italiaan in een verzwaard koffer op de bodem van de Atlantische Oceaan teruggevonden.  

Zet dus alsjeblieft een punt achter die paal en laten we het slangenmens Rensenbrink vooral blijven herinneren vanwege zijn weergaloze acties en het ongeëvenaarde talent.