Download onze app..

..voor de beste ervaring op een mobiel apparaat.

Download voor iOS

Download voor Android

Pingelen, pingelen en nog eens pingelen

‘Hij gaf de bal pas af als hij in het doel lag. Het was pingelen, pingelen en nog eens pingelen’. Dit zei Rini de Groot, hoofd jeugdscouting van PSV, over Mohamed Amine Ihattaren. Aanleiding van deze uitspraak was een portret over dit talent in Voetbal International  van februari  2019. ‘MO’ -toen nog 16 jaar-  had net zijn debuut gemaakt in het eerste elftal van PSV.  De uitspraak van het hoofd jeugdscouting doet mij meteen denken aan mijn eigen team, JO11-1. Ook in dat team speelt sinds het begin van de voorjaarscompetitie een Mohamed en ook hij is bijzonder getalenteerd. Bovendien een pingelaar in het kwadraat. En juist dáár wringt de schoen.

Mohamed, ‘Mo’ genaamd, is een pareltje. Twintig keer de bal hooghouden en tussendoor even omhoog wippen om de bal vervolgens stil te leggen in de nek, is voor hem gesneden koek. Met twee of drie schaarbewegingen achter elkaar de tegenstander uitschakelen; Mo kan het allemaal. Hij gaat met de bal naar bed en staat ermee op. Voetbal is zijn leven. Toch is er een grote kans dat hij zijn ultieme droom –profvoetballer worden- niet gaat waarmaken. Tenminste niet als hij blijft voetballen als nu.

Goede ploeg
Voor de eerste wedstrijd van het voorjaarsseizoen 2019 was het hele team, inclusief de 3 jeugdleiders, zeer hoopvol gestemd. We hadden sowieso al een goede ploeg en Mohamed zou het niveau nóg verder omhoog halen. In het begin werd die hoop volledig waargemaakt. Achterin werd er heel weinig weggegeven en voorin werd er driftig gescoord. Mo had een groot aandeel daarin.

Er is geen chemie
Hoe anders is het vijf maanden later? Tijdens onze laatste competitiewedstrijd moest ik lijdzaam toezien dat het team zonder Mo tussen de lijnen beter voetbalde dan met hem. Eigenlijk heel raar en tegenstrijdig als je bedenkt wat dit jongetje allemaal kan met een bal. De oorzaak ligt in het ontbreken van chemie tussen hem en zijn medespelers. Die chemie is er niet (meer), omdat het team zich mateloos ergert aan het gepingel van Mo. Die ergernis is op een gegeven moment zo hoog opgelopen dat zij ook geen bal meer afgeven. Althans, niet aan Mo. Dat doet hem veel verdriet en hij snapt het niet.

Passeren op een vierkante meter
Mohamed wil elke bal krijgen. Ook als hij gedekt staat. Hij is weliswaar erg goed, maar drie spelers passeren op twee vierkante meter lukt ook hem niet. Dan is het veel beter om de bal naar een teamgenoot te spelen die hartstikke vrij staat, maar Mo doet dat pas als het al te laat is. Anders gezegd: de bal bereikt zijn teamgenoot niet. Ergernis bij het teamgenootje en een gevoel van falen bij Mo. Zijn spel is daardoor niet erg effectief.

Voetbal is een teamsport
Wat moet je hiermee als trainer? Enerzijds wil ik de creativiteit van Mo niet afremmen. Hem aan de bal zien, is oogstrelend voor de voetballiefhebber. Anderzijds is voetbal een teamsport. Je doet het met z’n allen. Dat zal Mo ook moeten leren. Hij moet beseffen dat je pas echt succesvol kunt zijn als je als een geolied team op de mat staat.

Ongebreidelde passie
Ik hoop van harte dat hij dat gaat inzien. Ik gun het hem van harte, want hij heeft alles in zich om een groot voetballer te worden: hij heeft de techniek, het inzicht én een ongebreidelde passie voor het spel. Ik gun het hem ook, omdat Mo een heel lieve, vrolijke jongen is. Ik wil hem niet verdrietig zien, want dat doet ook mij pijn.

Samenspelen
Ik sprak hier laatst over met een vader wiens zoontje bij een BVO voetbalt. ‘Spelers die zo balverliefd zijn dat ze geen bal afspelen, worden linea recta naar huis gestuurd’, zei hij onverbiddelijk. Dus is het aan ons als jeugdtrainers om ervoor te zorgen dat Mo meer gaat samenspelen.

Het is nu zomerstop. Alle tijd om een plan de campagne te bedenken, want zo’n talent als Mo, dat mogen we niet verloren laten gaan!

 

Door Helmi van Nuil