Download onze app..

..voor de beste ervaring op een mobiel apparaat.

Download voor iOS

Download voor Android

Warming up jeugdspelers: nut of noodzaak?

Het is de normaalste zaak van de wereld: wie aan een voetbalwedstrijd begint, doet eerst een warming up. Het maakt niet uit of je een professional of amateurvoetballer bent. Het hoort er gewoon bij. ‘Het voorkomt dat je later in de wedstrijd een blessure oploopt’, zegt de verzorger.

GEZAMENLIJKE WARMING UP
Ik weet nog goed hoe dat ging toen ik in het eerste elftal van het cluppie uit mijn dorp speelde. Bij een thuiswedstrijd, die om 14.30 uur begon, kwamen we om 13.30 uur bij elkaar. We hadden 20 minuten om ons om te kleden, want uiterlijk 13.50 uur moesten we buiten zijn voor de warming up. Deels individueel, deels als groep. De warming up eindigde steevast met een paar sprintjes over de breedte van het veld. Om 14.20 zochten we het kleedlokaal weer op voor het vervolg van de wedstrijdbespreking. Bij uitwedstrijden was de regel dat we ons om 13.00 verzamelden in de kantine van onze club om van daaruit gezamenlijk te vertrekken naar het sportcomplex van de tegenstander. Ook dan gold: we zorgen ervoor dat we om 13.30 uur arriveren, zodat iedereen om 13.50 uur aan de warming up kan beginnen.

ONNODIG VERLIES VAN EFFECTIEVE TRAININGSTIJD
Maar hoe zit dat met trainingen? Heb je dan ook een warming up nodig? Tja, of je wel of geen warming up nodig hebt als je gaat trainen,  hangt helemaal van jezelf af. En van de oefenstof. Ik heb zelf de meerwaarde van een kwartier durende warming up nooit zo ingezien, maar misschien heb ik gemakkelijk praten, want ik ben vrijwel nooit geblesseerd geweest. Peter Bosz vertelde eens dat hij nooit een warming up doet bij de training. Dat vindt hij ‘onnodig verlies van effectieve trainingstijd’. Ik ben het daar roerend mee eens. In mijn periode als eerste elftalspeler hadden we een trainer die dezelfde mening als Peter Bosz had. ‘Warming up doe je maar in je eigen tijd. Om 19.00 uur beginnen we met trainen. Dan wil ik met mijn oefenstof beginnen. Zorg er maar voor dat je een kwartiertje van tevoren aanwezig bent om je spieren op te warmen’,  aldus de trainer.

HOE ZIT HET DAN MET JEUGDSPELERTJES?
En jeugdspelertjes dan? Hebben die een warming up nodig? Eerlijk gezegd denk ik van niet. Althans niet in de traditionele zin van het op en neer draven en sprintjes trekken. Maar niet iedereen denkt er zo over. Een half uurtje voor de aftrap van een wedstrijd van ons jeugdteam voel ik wel eens de priemende blikken van ouders langs de lijn, en dan met name van de papa’s die zelf ook voetballen of gevoetbald hebben. Je voelt ze denken: ‘wanneer roept hij de spelertjes bij elkaar om aan de warming up te beginnen? Het wordt tijd dat ze in beweging komen!

BALGEVOEL
Wat ik echter vele malen belangrijker vind, is balgevoel en concentratie. Dat krijg je niet met op en neer draven, dij heffen, hakken-billen, omhoog springen gevolgd door een kopbeweging of sprintjes trekken. Vandaar dat ik mijn spelertjes eerst wat positiespelletjes laat doen waarbij het erom gaat dat ze de bal veelvuldig raken. Om dat te bereiken, splits ik de spelersgroep in twee groepjes van 5. In de eerste oefening moeten ze de bal naar een medespeler passen. Vervolgens de bal passen en er zelf achteraan gaan, waarbij duidelijk de naam van de speler moet worden geroepen voor wie de bal bedoeld is. Voetbal is namelijk ook duidelijk communiceren en elkaar coachen. Dat gebeurt vaak veel te weinig. Als dat goed loopt (het tempo wordt gaandeweg wat opgevoerd), gaan we over op 4 tegen 1. Om hen te motiveren c.q. te prikkelen (wat nodig is bij spelertjes tot 11-12 jaar), maak ik er een wedstrijd van: tellen hoe vaak de bal wordt rondgespeeld zonder dat de speler in het midden hem heeft aangeraakt.

HET GEVOEL VAN SCOREN
De warming up sluit ik af door de spelertjes allemaal een paar keer op de goal te laten schieten. Allemaal zo snel mogelijk achter elkaar, zodat de kans op concentratieverlies onder de wachtenden zo klein mogelijk is. Meer is er volgens mij niet nodig om hen goed aan de wedstrijd te laten beginnen. Allerlei rek- en strekoefeningen vind ik geen meerwaarde hebben voor spelertjes tot pakweg 11-12 jaar. Dat geldt ook voor het trekken van sprintjes en andere loopoefeningen. Voorop staat dat de spelertjes bij aanvang van de wedstrijd de bal een aantal keer goed geraakt hebben (balgevoel), geconcentreerd zijn (willen winnen) en plezier uitstralen.